DERDE ZONAG VAN DE ADVENT
EERSTE LEZING: Jesaja 35,1-10
TWEEDE LEZING: Jakobus 5,7-10
EVANGELIE: Mattheüs 11,2-11
Op een avond, tijdens een gezellig samenzijn, besloten drie vrienden hun reiservaringen te delen. De eerste was een tiental dagen op Antarctica geweest; een woestijn van ijs, een zee van schots en schoonheid, zoals hij het uitdrukte. Een verblindende witheid, zo ging hij tevreden verder. De tweede was geraakt door een verblijf in een zandwoestijn; een kleine windstoot volstond om zijn voetstappen uit te wissen. Kilometerslang niets dan zandkorrels, duinen die leken te bewegen als golven, dat alles badend in een persoonlijk gevoel van innerlijke vrede. De derde was net terug van een wandeltocht door een woestijn van stenen en stof; hier en daar stond een boom, die in de meeste gevallen levenloos leek. Hij had op zijn kompas gelopen.
Al vertellende ontdekten de drie vrienden dat hun woestijnen iets gemeenschappelijk hadden: geen van hen had een volledig uitgestippelde weg gevolgd. Ze haalden herinneringen op aan uitgestrekte vlaktes van zand, stenen of ijs, maar niet aan wandelpaden of wegjes. En is dat overigens geen kenmerk van vele woestijnen?
Als dit inderdaad zo is, dan mogen wij ons gelukkig prijzen wanneer Johannes de Doper begint te roepen in onze innerlijke woestijn, de plek die God heeft uitgekozen om zich aan ieder van ons te openbaren. In ons, zoals in een woestijn, is er geen volledig uitgestippelde weg, alsof we gedwongen zouden zijn om één bepaald pad te gaan. Wij hebben allen onze eigen innerlijke wegen. Sommige zijn bochtig door opgelopen verwondingen, slingerend door onze onhandigheden, vol met de kuilen van onze aarzelingen, glad door onze misstappen, of juist vol grind door onze koppigheid. Andere wegen zijn uitgesleten door de loop van het leven of het leed ondergaan tijdens een ziekte.
Er is geen volledig uitgestippelde weg, maar eerder een stem om te aanhoren en te volgen. Een stem die ons oproept de heuvels te slechten en een rechte weg te bereiden voor de Heer. Ook die weg is uniek, en wij bewandelen hem zoals wij zijn, dat wil zeggen met onze krachten en onze zwakheden, ons lijden en ons kwaad, onze vreugde en onze liefde.
Gods stem richt zich ook vandaag nog tot ons persoonlijk. De boodschap is natuurlijk voor iedereen hetzelfde, maar de manier waarop deze bezorgd wordt niet. God vraagt van ons niet het onmogelijke. Hij eist nooit dat wij onze eigen krachten te boven gaan. Hij accepteert ons zoals we zijn, Hij nodigt ons in het hart van onze innerlijke woestijn uit om zijn stem te volgen.
Johannes de Doper zegt ons dat elke mens het heil van God zal aanschouwen. Het is geen belofte die later wel eens zal worden waargemaakt. Het heil van Godswege realiseert zich nu, in het leven van alledag.
Voorganger in deze viering is pastor Frank Beuger
